Dag 27: 26 juni, Mansilla de las Mulas – Astorga, 87 km

Donderdag                                                                     <terug>

Het reisdoel van vandaag is Rabanal del Camino, op 1150 meter hoogte. Die plaats staat in mijn planning omdat die halverwege de klim naar de hoogste top in de Camino Francés, de Cruz de Ferro ligt. Ik heb Jaap verteld dat we naar Rabanal del Camino zouden gaan. We zullen dat doel niet halen en dat krijgen we van Jaap nog een keer te horen.

We missen Leon en het Parador San Marcos

We rijden de alternatieve route onder León door en spreken af op elkaar te wachten in Vega de Infanzones, het begin van het alternatieve traject, net onder León. We rijden weer los over de N625. Ik voorop. Ik volg de weg en de borden, Arjan leest de routebeschrijving. Kort na Villanueva de las Manzanas ga ik rechtsaf. Ik zie op mijn kaartje de paarse streep van onze route naar rechts gaan. Ik volg het bord León en draai de CV-195-18 op. Arjan ziet het van verre verkeerd gaan. In de beschrijving wordt melding gemaakt van een spoorbrug op het punt waar je rechts moet. Ik had een paar honderd meter verderop naar rechts gemoeten, de CV-195-11. Ik zoek het later nog eens na waarom het daar verkeerd ging. Het blijkt dat op het kaartje in deel drie van de Haarlemse boekjes de hele CV-195-18 niet getekend staat. Terwijl het toch een normale weg is. De oorzaak ligt bij Michelin. De kaarten in de Haarlemse boekjes zijn Michelin-kaarten van een bepaald detailniveau. Om een of andere reden geeft Michelin op dit detailniveau de CV-195-18 níet en de CV-195-11 wél weer. Ik zoek naar Vega de Infanziones en naar de weg linksaf richting Ardón.

Leon, de kathedraal

Ik kan niks vinden. Ik passeer wel de rivier (río Esla) die op de kaart staat en verwacht kort na deze rivier de weg linksaf. Er zijn wel een paar afslagen naar links, maar die leiden ofwel naar het terrein van een grindbedrijf ofwel ze lopen dood in de velden. Ik rijd terug en weer heen. Het moet hier toch ergens zijn. Bij het grindbedrijf spreek ik een vrachtwagenchauffeur aan. Of hij de weg naar Argón weet. Jawel, terug, de río Esla over en dan naar rechts. Ik ga op zoek en ben weer op het punt waar ik al weer een tijdje terug rechtsaf de CV-195-18 op draaide. Ik kijk op de kaart en denk dat het klopt. Immers, de paarse streep draait van de N-165 naar rechts, richting León. Weer zoeken. Ik vraag nog ‘ns waar de weg naar Ardón ligt. Nu aan een man die op een akker aan het werk is. Ik laat hem de kaart zien. Aannemende dat hij die kan lezen. Dat blijkt een misvatting. Hij negeert de kaart (ik denk dat hij zijn bril mist) en begint in het Spaans een verhaal op te hangen. Ik moet een stukje terug en dan naar rechts een grindpad op. Mogelijk kan ik beter nog een stukje verder terug rijden en dán naar rechts een ander grindpad op. Dat is wat minder slecht. Hij kijkt bedenkelijk naar mijn zwaar beladen fiets en voelt ‘ns aan de wielen. Die zullen het zwaar te verduren krijgen, zie ik hem denken. Aan het einde van het grindpad moet ik weer naar rechts. Hij wijst in de verte waar een witte auto rijdt. Daar ergens moet ik links en dan kom ik wel in Ardón. Vale, vale.

Sommigen gaan met de muilezel

Ik besluit zijn raad op te volgen. Op hoop van zegen, want ik rijd op wegen die niet op de kaart staan en dat maakt het vinden van de juiste weg er niet makkelijker op. Ter aanmoediging krijg ik een schouderklopje en de wens ‘buen camino’. Al die tijd geen Arjan te zien. Waar zou die toch zijn. Ik zal ‘ns bellen. Ik krijg ‘m aan de lijn en we spreken af elkaar in Ardón te zien. Hij is al voorbij Vega de Infanzones. Ik hoop er ’t beste van. De mij aangewezen route klopt. Ik kom weer op terrein dat ik terug kan vinden op de kaart en arriveer in Vega de Infanzones. Daar ga ik richting Ardón. Tot mijn verbazing komt Arjan me tegemoet. Hij denkt verkeerd te zitten en is omgedraaid. Ik weet inmiddels waar ik ben en kan dat op de kaart nauwkeurig aanwijzen. We zitten goed. Hij draait weer om en samen rijden we verder. Ik lust inmiddels wel een bak koffie. We passeren de vierbaans A231 en draaien het terrein van een motel op. In de verwachting dat je er koffie kan krijgen. Nee, ze hebben alleen habitaciones. Ik merk dat mijn tassenhouder op het voorwiel los zit. Er ontbreekt een busje en een boutje zit helemaal los. Uit mijn voorraad reserveonderdelen duik ik een moertje op dat de functie van het verdwenen busje overneemt en schroef het boutje weer aan de voorvork van de fiets. We gaan verder. Als we al door een gehuchtje komen is er geen café.

Brug over rio Orbigo

We snakken naar koffie of iets te eten. Tussen Mazarife en Hospital de Órbigo voert de route over een stuk van de authentieke Camino. Het pad is vrij breed en redelijk te berijden. Toch is het altijd uitkijken voor stenen en gaten in de weg. Voor je ’t weet knapt er een spaak en dan heb je een probleem. Na een paar kilometer komen we in Hospital de Órbigo. Hier ligt weer een lange, prachtige pelgrimsbrug over de río Órbigo. We gaan er lunchen in een vriendelijk restaurantje. We eten weer vis. Het verkrijgen van een stempel gaat via een zelfbedieningsprocedure. We gebruiken een servetje om te weten hoe we de stempel moeten houden opdat de afdruk niet op zijn kop komt te staan. Kort na Hospital de Órbigo komen we aan in Astorga. Dat is een stad(je) op een heuvel met onder andere het Palacio Episcopal dat door Gaudí is ontworpen. Het staat aan een pleintje nabij de kathedraal. Wij drinken op het pleintje een bier en een cola. Ik voel me geen 100% en Arjan stelt voor om hier te stoppen. Het is een erg leuk stadje weet hij zich te herinneren uit een eerder bezoek. Met een paar grotere pleinen en ‘n mooi gemeentehuis.

Astorga, Ayuntamiento

Gemeentehuizen zijn, naast kerken en kathedralen, bij Arjan -in het dagelijks leven gemeenteambtenaar- favoriet. Ook de gemeente en zijn burgemeester zijn belangrijk. Hij vindt het eigenlijk wel jammer dat we op onze tocht niet veel vaker in Frankrijk bij ‘la mairie’ en in Spanje bij ‘el ayuntamiento’ hebben aangeklopt om hulp te krijgen bij het vinden van onderdak. Dat deden we maar één keer, in Nanteuil-en-Vallée. Ik ga naar de VVV vlakbij en informeer naar een onderkomen. We kunnen terecht in een hostal een eindje verderop. De fietsen worden in de garage gestald en ik ga even op bed liggen. We spreken een tijd af dat we elkaar zullen zien op het Plaza Mayor, vóór het gemeentehuis. Na mijn rustpauze werk ik mijn weblog bij. Dat doe ik regelmatig. Het is altijd een gezoek naar een internetpunt. Soms is er internet in een refugio, soms moeten we naar een ‘internetcafé’. De kwaliteit is altijd matig tot slecht. Foto’s uploaden is sowieso een crime voor mij. Dat ligt aan mij, of aan mijn blogprovider (wordpress.com) of aan interactie tussen pc en fotocamera. Arjan heeft er minder last van. De uploadsnelheid is altijd laag. We hebben verbindingen gehad van 56kb/sec. Dan duurt het uploaden van 2,5 mb grote foto’s lang. De foto’s comprimeren krijg ik maar een enkele keer voor elkaar. Ook de pc’s zijn oud en traag. Na het bijwerken van de blog zoek ik Arjan op en we gaan eten in een klein, eenvoudig restaurantje: het pelgrimsmenu.

Spanje heeft gewonnen; iedereen in de fontein

Daarna zoeken we weer het Plaza Mayor op, want Spanje speelt tegen Rusland. We genieten van de sfeer. Spanje wint de wedstrijd en de jongeren op het plein springen massaal in de fontein van een naastgelegen plein. Omdat we Rabanal del Camino niet hebben gehaald zullen we morgen 625 meter moeten klimmen. Van Astorga op 880 meter naar Cruz de Ferro op 1505 meter. En mijn conditie laat nog steeds te wensen over.


Tags: , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: